Of je nu door iemand gebeld wordt of je belt zelf iemand op; om een goed telefoongesprek te kunnen voeren is het belangrijk dat je een aantal gesprekstechnieken goed onder de knie hebt. Komende tijd geven we je verschillende tips voor gesprekstechnieken.

6. Gesprekstechniek: Confronteren

 

Hieronder een voorbeeld dat meteen de term confronteren verklaart.


“Ja, hallo met Rian van Schijndel. Zaterdag gaat mijn zus trouwen en het is nu donderdag en ik heb mijn bestelling nog steeds niet ontvangen. Ja, ik heb gisteren wel een pakketje gekregen maar dat was volgens mij verkeerd bezorgd.”

Als je de indruk krijgt dat er tegenstrijdigheden in het verhaal van de ander zitten, dan kun je diegene op een neutrale en vriendelijke toon confronteren met die onjuistheden.

Dus niet zo:
“Hoe kan dat nou? U zegt dat u de bestelling niet heeft ontvangen, maar ook weer wel. Dat klopt toch niet! Dat heeft u zelf toch ook wel in de gaten?”

Maar zo:
“U zei zojuist dat u de bestelling niet heeft ontvangen, maar aan de andere kant zegt u dat u gisteren wel een pakketje hebt ontvangen dat volgens u verkeerd bezorgd is. Dat begrijp ik niet zo goed. Kunt u dat toelichten?”